Over mijn boek Liefdeloos​

Liefdeloos gaat over de relatie tussen mijn moeder en mij, Miranda. Al vanaf het allereerste, prille begin is onze relatie niet goed, het begon al voor mijn geboorte. Mijn moeder had veel last van zwangerschapskwaaltjes en na zes maanden kreeg ze zwangerschapsvergiftiging: het HELLP-syndroom (Hemolyse, Elevated Liver enzymes and Low Platelets). Dit betekent dat er sprake is van een verhoogde afbraak van rode bloedcellen en een gestoorde leverfunctie. Daarnaast is er een tekort aan bloedplaatjes, waardoor de bloedstolling ontregelt raakt.
Mijn moeder raakte in coma en ontwaakte daar pas een week later uit. Zeven dagen waarin we elkaar kwijtgeraakt waren. Daarna kon ze het niet opbrengen om mij, haar pasgeboren dochter, te bezoeken. Gedurende vijf maanden waren we van elkaar verwijderd en het bleek onmogelijk om onze band opnieuw te herstellen.

Gedurende haar leven ontwikkelde mijn moeder zich tot een vrouw met narcistische persoonlijkheidskenmerken. Ze zorgde wel voor mijn zus en mij, in materialistisch opzicht. We hadden kleren aan ons lijf, maar nooit de leukste, mooiste of moderne kleren. We kregen eten en drinken, de meest basale dingen: melk, boterhammen met kaas of vlees, ook wel pindakaas, aardappels, vlees en groente. Liefde, nee, dat kregen we niet van haar. Wel kleineringen, leugens, beschuldigingen en manipulaties. Wisten wij veel als kind. Je denkt dat je moeder normaal is, maar pas rond mijn puberteit ontdekte ik dat er ook andere soorten moeders waren.

Foto door Anna Shvets via Pexels

Pas toen ik volwassen was en zelf een kind had, ontdekte ik door gesprekken met andere mensen, dat mijn moeder narcistisch is. Ik begon erover te lezen en herkende veel kenmerken terug in mijn moeder. Het hielp me om te begrijpen waar haar vreemde, afwijkende gedrag vandaan kwam en daardoor kon ik accepteren hoe ze mij en mijn zus behandeld heeft.
Niet dat ik haar handelswijze goedkeur, maar met begrip en acceptatie kom je al een heel eind. Vergeven en vergeten is natuurlijk weer iets heel anders.

Gedurende mijn leven waren er verschillende momenten dat ik erop gewezen werd om mijn ervaringen op te schrijven. Daar heb ik lang over getwijfeld, omdat ik altijd dacht ik niet goed genoeg was in verhalen schrijven. Hoewel mijn leraar Nederlands op de middelbare school ervan overtuigd was dat ik ooit schrijfster zou worden, geloofde ik hem niet. 
Wel heb ik al sinds ik een jaar of tien was een dagboek bijgehouden. Niet dagelijks, ook niet wekelijks, maar er waren perioden dat ik een paar keer per week schreef en ook maanden niet. Zelfs jaren niet. Ik vond het altijd leuk om te schrijven, ook opstellen voor school schreef ik met plezier. Mijn verhalen zijn altijd lang, iets kort omschrijven is voor mij onmogelijk. Ik wil graag véél vertellen. 
Als ik mijn boek niet had ingekort, was het nu waarschijnlijk meer dan duizend pagina’s geweest. Dat is natuurlijk te veel, bijna niemand houdt het vol om zo’n dik boek te lezen. Bovendien zou ik in herhaling vallen en dat maakt het boek oninteressant.

 Na de geboorte van mijn zoon dacht ik na over wat mijn therapeut tegen mij had gezegd: ‘schrijf je levensverhaal eens op.’ Als een dagboek, een verhaal, of desnoods een heel boek, suggereerde hij. Tijdens het schrijven wordt alles in je hoofd op een rij gezet en krijg je overzicht én inzicht in je leven. Tevens is het een verwerkingsproces. In eerste instantie vond ik het raar om mijn hele leven te gaan opschrijven. Maar het idee begon te borrelen en te bruisen en een paar jaar na de geboorte van mijn zoon besloot ik het te gaan proberen. Het idee van een boek sprak me wel aan. Ik wou het voor mijn zoon schrijven. Als kind van een narcist dacht ik nog steeds dat ik misschien niet zo’n goede moeder zou worden als ik wou, maar dan zou hij in ieder geval begrijpen waarom ik bepaalde dingen deed of juist niet.

Vooral het eerste deel van mijn jeugd vorderde goed, tot aan mijn middelbare schooltijd.
Ik was zo enthousiast aan het schrijven, dat ik nieuwsgierig werd of een uitgever het ook interessant zou vinden. Ik keek naar welke boeken mij aanspraken en welke uitgever dat was. Eén uitgever sprong er daarbij uit en ik trok de stoute schoenen aan en stuurde de eerste vijf hoofdstukken via email naar hun toe. Ik kreeg een positieve reactie, ze wilden de rest ook graag lezen. Toen brak bij mij de paniek door: ik had immers pas de helft af en wist nog niet zo goed hoe ik verder moest schrijven of waar ik zou eindigen.
De economische crisis was inmiddels een wereldwijd feit en na een paar weken kreeg ik een mail van de uitgever dat ze door de onzekere financiële tijd die eraan kwam enkele projecten zouden stoppen. Mijn boek viel daar helaas ook onder. Ik vond het heel jammer, maar op dat moment was het ook een opluchting. Door allerlei omstandigheden kon ik er toen niet meer aan verder werken. Alle hoofdstukken bewaarde ik netjes op de computer, zodat, als ik het ooit weer zou willen oppakken, ik alles zo weer terug kon vinden.

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

In het voorjaar van 2020 was dat moment daar. Voor mijn toenmalige werkgever mocht ik tijdens de lockdown door Corona een aantal blogs schrijven en dat beviel zo goed, dat de gedachten aan mijn onvoltooide boek weer terugkwamen. Deze keer besloot ik het anders aan te pakken: ik ging mijn boek in eigen beheer, maar mét hulp van een uitgever, afmaken. Dit betekende dat ik het zelf zou moeten bekostigen, maar er was wel iemand die mij redactioneel zou begeleiden. Mijn wens was dat het ook een goed en prettig leesbaar boek zou worden, in goed Nederlands.
In de zomer van 2021, schreef ik mijn laatste woorden. Supertrots was ik op mezelf: ik had écht een boek voltooid! Al zou ik het nooit uitgeven, ik was zó blij dat ik mijn verhaal had opgeschreven. Op het moment dat ik de laatste punt tikte, viel er een enorme last van mijn schouders. Mijn lichaam voelde ineens zo licht aan, ik had echt een zware ballast over mijn schouders gegooid.

Het was een hele reis, het schrijven van Liefdeloos. Een lange reis, maar wel een zinvolle. Ik heb mijn jeugd verwerkt, ik begrijp mijn moeder en nu kan ik andere mensen gaan inspireren met mijn verhaal.

Nu ben ik supertrots dat jij het boek heb gelezen, of nog wilt gaan lezen. Ik hoop dat je er in ieder geval (h)erkenning in terugvindt. Misschien wel de kracht om je situatie aan te gaan pakken, hulp te zoeken of uit de spiraal te komen. Misschien vind je het fijn om gewoon jouw verhaal te delen, dat kan ook al enorm helpen, als je weet dat iemand anders begrijpt wat je meemaakt.
Dat is mijn missie.

Ik heb niet de illusie een deskundige te zijn, wél een ervaringsdeskundige.

Ben je nieuwsgierig geworden naar Liefdeloos? Je kunt het bij de boekhandel bestellen of rechtstreeks bij de uitgever (hier vind je ook een inkijkexemplaar). 

Wil je reageren of jouw ervaringsverhaal delen? Vul het contactformulier in of stuur een email naar: info@liefdeloos.com.